zondag 2 mei 2010

Strikt op regels en verhoudingen: ”onafhankelijk toezicht moet en is goed”


Het is gezond na een aantal jaar te wisselen van accountant. Ik ken een accountantskantoor dat zelf de regel hanteert eens in de zeven jaar te wisselen van accountant. Een soort ‘Seven years itch’ op extern toezichthoudersgebied. Ik onderschrijf dit, gezien de frisse blik en andere invalshoeken die een nieuwe accountant kan hebben bij het doorlichten van de boeken.

De Raad van Commissarissen van Parteon selecteert deze nieuwe accountant. De voorbereidende taak is neergelegd bij de Audit Commissie. Deze commissie is verantwoordelijk voor het voorbereiden van alle onderwerpen op het gebied van financiën en control voor de Raad van Commissarissen. Het voordeel van een dergelijke commissie is dat zij diepgaander met directie en medewerkers van de afdeling Control alle zaken op dat gebied doorspreken en op basis daarvan ook rapporteren aan de gehele Raad. Een externe onafhankelijke adviseur/controleur in de vorm van een accountant, is voor deze commissie van groot belang in het kader van de toezichthoudende rol.

Er zijn vier gerenommeerde accountantskantoren geselecteerd en beoordeeld op diverse zaken, waaronder:
1 Deskundigheid en branche-ervaring
2 Continuïteit op het vlak van personele bezetting (i.v.m. kennis van specifieke corporatieaspecten)
3 Prijs-/kwaliteitverhouding
4 Omgaan met strikte toepassing van regels rond verhoudingen tussen Raad van Commissarissen en bestuur-directie
5 Aanhaken op actualiteiten in en rond de sector (zoals fiscaliteiten, overheidsregelingen, toezichtsontwikkeling VROM en richtlijnen jaarverslaglegging)

Voor wat betreft het onder vier genoemde is het van belang dat de accountant zijn onafhankelijke rol altijd behoudt en de stap naar de Raad van Commissarissen maakt als hij dat nodig acht. Bepaalde verantwoordingsstukken (onder andere bevindingen op basis van de jaarrekening) gaan rechtstreeks naar de Raad van Commissarissen, andere worden veelal aan de directie gerapporteerd (de zogenoemde managementletter, op basis van de tussentijdse controle). Ik kies voor één heldere lijn, die van transparantie en openheid. Alle verantwoordingsstukken gaan van de accountant naar de Raad van Commissarissen. Uiteraard kunnen stukken van tevoren besproken worden. Wanneer de directie een ander oordeel heeft, dienen beide oordelen aan de Raad gerapporteerd te worden door de accountant.

Naast de accountant houdt ook het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV) toezicht op met name de financiële aspecten bij de corporaties, namens de minister van WWI. Zij voeren een uitgebreide beoordeling uit op basis van het jaarverslag en de meerjarenprognose en doen tevens tussentijdse onderzoeken. Nu zijn zij bijvoorbeeld belast met een onderzoek naar grondposities en risicovolle projecten bij corporaties.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten